In de krant: "spectaculaire stijging wapeninvoer" - wie bedriegt wie ?

Gisteren stelde het "Vlaams Vredesinstituut" een verslag voor over de wapeninvoer in Vlaanderen. Het instituut beweert "het wapenbezit en -gebruik in Vlaanderen beter in kaart te brengen".

Tot daar wat de auteurs beweren. Een lectuur van dit rapport (zie deze link) zal de lezer snel duidelijk maken dat sommige NGO's (Pax Christi, Amensty International, VLNW, ...) zeer nabij betrokken waren bij dit rapport. Deze instellingen worden doorgaans niet gehinderd door enige kennis van zaken als het op wapenhandel aankomt. Merkwaardig is ook dat geen enkele vertegenwoordiger van de wapenhandel zetelt in dit instituut. Nochtans zou enige inspraak vanuit de sector de kwaliteit van het werk van het instituut ongetwijfeld ten goede komen.

Bij het maken van deze oefening deed dit instituut een aantal opmerkelijike vaststellingen:

  • de invoervergunningen voor "kleine wapens" steeg van 5,4 miljoen EUR naar 13,4 miljoen EUR tussen 2005 en 2008;
  • de invoer van munitie steeg nog spectaculairder, van 1,7 miljoen euro in 2005 tot 9,1 miljoen euro in 2008.

Wapenunie werd gevraagd naar een verklaring van deze stijging. Deze stijging is opmerkelijk, gezien er geen even explosieve stijging is van de particuliere wapenverkoop. De wapenverkoop piekte in 2005 - 2006, in aanloop naar de Wet Onkelinckx die de wapenwet verstrengde. Daarna stortte de verkoop in elkaar, om vanaf 2007 terug te normaliseren na de reparatiewetgeving.

Wij zien nog de volgende oorzaken voor de stijging:

  • Doorgaans wordt een invoervergunning toegekend voor een hoger bedrag dan daadwerkelijk wordt ingevoerd. De auteurs van het verslag gaan voorbij aan het feit dat bij inklaring bij de douane de invoervergunning word "afgeschreven". Na een jaar wordt de invoervergunning ongeldig. Nergens wordt melding gemaakt van een afboeking van de niet daadwerkelijk ingevoerde wapens.
  • Het verslag suggereert dat het hoofdzakelijk particuliere invoer betreft. Dit is manifest verkeerd. De auteurs van het verslag weten allicht niet hoe politiediensten hun wapens bestellen. Dergelijke bestellingen lopen via erkende wapenhandelaars. Zij kopen de wapens bij de fabrikant, en verkopen ze door aan de betrokken politiezone of ordedienst. Al deze verkopen zitten allicht onder "particuliere verkoop". Als men weet dat de werkingsmiddelen voor de politie de laatste jaren sterk gestegen zijn, en dat veel korpsen hun uitrusting moderniseren, kan hier een verklaring gevonden worden;
  • De auteurs van het verslag hebben allicht geen ervaring over invoer en transport van munitie. Munitie is explosief, het transport ervan vraagt bijzondere voorzorgen en is dus betrekkelijk duur. Vandaar dat in de handel geprobeerd wordt om in grotere hoeveelheden te kopen.
  • Een andere verklaring voor de stijging van de munitieinvoer is dat, na de nieuwe wapenwet, elke wapenbezitter verplicht is om met zijn vuurwapen regelmatig te schieten
  • Sommige namaakwapens vallen ook onder de invoervergunning. Derhalve heeft een deel van de gerapporteerde "wapeninvoer" eigenlijk betrekking op airsoftguns, paintball markers of zelfs speelgoedwapens, ... In deze markt werd belangrijke groei gerealiseerd.

De stijging van de invoer op zich is niet verontrustend. In tegendeel, ze wijst erop dat de sector opnieuw groeit.

Sommige populistische politici bekijken dit echter anders, en formuleren allerhande onsamenhangende stellingen om de bevolking te verontrusten.

De heer Jan Roegiers, Vlaams Parlementslid bij SP.A, meent uit dit rapport nog te kunnen afleiden dat niet bekend is waar de ingevoerde wapens terechtkomen. Dit is natuurlijk onzin en getuigt van een manifest gebrek aan dossierkennis. Bij de aanvraag van een invoervergunning zal de Vlaamse overheid steeds eisen dat de invoerder een document voorlegt waaruit blijkt dat hij het wapen voorhanden mag hebben. Een handelaar zal steeds zijn erkenning als wapenhandelaar moeten voorleggen. De ingevoerde wapens worden ingeschreven in register model A (zie art. 23 KB van 20 september 1991 tot uitvoering van de wapenwet). Een particulier zal steeds een wapenvergunning moeten voorleggen (afgegeven door de provinciegouverneur), of een sportschutterslicentie, jachtverlof, aanstelling bijzonder wachter moeten voorleggen. De invoer wordt vastgesteld door de douane, er wordt steeds een formulier van overdracht "model 9" opgemaakt (zie art. 25 KB van 20 september 1991 tot uitvoering van de wapenwet).

Alle kopies van deze vergunningen of formulieren van overdracht worden ingevoerd in het Centraal Wapenregister.

Derhalve organiseert de federale wapenwet, reeds sedert 1991, een sluitende controle op alle vergunningsplichtige wapens die in België worden ingevoerd.

Trouwens, in sé beweert de heer Roegiers dus dat via een invoervergunning, afgeleverd door de Vlaamse overheid, na controle van het legaal wapenbezit van de verwerver en na advies van de Proefbank voor vuurwapens, illegaal wapens worden ingevoerd. Misdadigers zouden volgens hem dus eerst een invoervergunning aanvragen (die ze pas krijgen na voorleggen van een wapenvergunning), en daarna de wapens doen "verdwijnen". Deze redenering houdt geen steek. Illegale wapenhandelaars respecteren de wet niet, en zullen geen invoervergunningen aanvragen. Zij zullen ook nooit voorkomen in de rapporten van het Vlaams Vredesinstituut.

Daarnaast gaat het betrokken parlementslid er nog aan voorbij dat, bij invoer van vuurwapens, steeds een advies aan de Proefbank voor vuurwapens wordt gevraagd. Deze instelling controleert of de betrokken wapens geproefd werden, en of ze een serienummer bevatten zodat ze opspoorbaar zijn.

Wij begrijpen dus niet waarom de heer Roegiers suggereert, in een interview bij "De Morgen" van 18 maart 2009, dat men "niet weet wat er met wapens gebeurt na de aankoop, en je er niet omheen kan dat een pak wapens ons land binnenkomen zonder dat we weten waar ze uiteindelijk belanden".

Dergelijke populistische uitspraak getuigt van een gebrek aan kennis over de procedures en regels die van toepassing zijn bij de toekenning van invoervergunningen. Wij leiden daar dan ook uit af dat het betrokken parlementslid de sector in een slecht daglicht wil stellen door legale wapenhandel te vermengen met illegale praktijken, om zo een negatieve sfeer te creëren omtrent een belangrijke economische sector die zeer strikt alle regelgeving opvolgt.

Wapenunie vertegenwoordigt de legale wapenhandel in België en verdedigt de belangen van de economische sector en van particuliere wapenbezitters. De vereniging doet studiewerk rond wapenbezit en regelgeving. Meer informatie over deze nieuwsbrief kunt u bekomen door te mailen naar info [at] wapenunie.be (vervang [at] door @).