Versnippering beheer wapenvergunningen bij gouverneurs leidt tot onveiligheid

Reeds vanaf 2006 dringt onze vereniging aan op een uniforme uitvoering van de wapenwet voor alle wapenbezitters, ongeacht in welke provincie ze wonen.

Ook de wetgever wou komen tot een eenvormige toepassing van de wapenwet door de vergunningen te laten beheren door de provinciegouverneurs (en niet langer door de lokale politie). Meermaals herhaalden de ministers van Justitie en Binnenlandse zaken dat de gouverneur hier optreedt als federaal ambtenaar. Hij dient zich dus strikt te houden aan de wet, de uitvoeringsbesluiten en de instructies van de bevoegde ministers.

In de praktijk stellen wij vast dat een aantal gouverneurs, arrondissementscommissarissen en ambtenaren van provinciale wapendiensten het daar moeilijk mee hebben. Elke dienst organiseert zowat zelf het beheer van de wapenvergunningen. Ook moeten wij vaststellen dat, in Vlaanderen, sommige wapens ongewenst zijn. De gouverneurs maken de afgifte van een vergunning afhankelijk van bijkomende voorwaarden, zoals bijvoorbeeld het verstrekken van informatie die niet voorzien in de reglementering. Deze problemen bestaan niet in Brussel en Wallonië.

Er is dus zeker geen sprake van een uniforme toepassing van de wapenwet.

Nu stellen wij vast dat er ook belangrijke verschillen bestaan in de werking van de diensten.

De heer Koenraad De Groote (N-VA) interpelleerde de minister van Binnenlandse Zaken over het aantal ambtenaren dat door elke provincie wordt ingezet voor het beheer van vergunningen. Ook werd gevraagd naar de output (aantal afgeleverde vergunningen).

U vindt een tabel waarin alle cijfers worden samengevat op deze link.

Wij stellen vast dat er zeer grote verschillen bestaan. Zo zal een ambtenaar in de provincie Antwerpen (dienst geleid door de arrondissementscommissaris zelf) gemiddeld slechts 157 dossiers per jaar verwerken. Op bijna zeven jaar tijd werd ongeveer 80% van de vergunningsaanvragen behandeld. Er is nog een achterstand van 20%.

In de provincie Limburg bijvoorbeeld werkt men gemiddeld 304 dossiers per jaar af, de achterstand bedraagt nog 18,6%. Wel is Limburg de Vlaamse provincie met het kleinste aantal ambtenaren.

Conclusie is dus dat niet elke provincie erin slaagt om de vergunningsaanvragen af te handelen en om de achterstand weg te werken. In de praktijk veroorzaakt dit een veiligheidsprobleem. Immers, het CWR bevat op die manier slechts onvolledige informatie. Als politie diensten interventies moeten doen, zou het hen helpen als ze weten of er mogelijk legale wapens voorhanden zijn. Momenteel zijn de gegevens over ongeveer 86.000 wapens niet opgenomen in het CWR.

Onze vereniging meent dat het efficiënter zou zijn om alle bevoegdheden inzake beheer van vergunningen te bundelen bij de federale overheid. Op die manier komt men tot een uniforme toepassing van de wet over het volledige grondgebied. Dergelijke centralisatie draagt bij tot specialisatie en tot een betere opvolging. Het is trouwens nu ook al zo dat de rol van de gouverneurs beperkt is tot opvolgen van de procedure. De meeste taken in de vergunningsprocedure (het moraliteitsonderzoek, onderzoek veiligheidsvoorwaarden, praktische en theoretische proeven, ...) worden nu al door de lokale politie verricht. De lokale politie is het aanspreekpunt van de wapenbezitters. Het is dus perfect mogelijk dat alle procedures via een centrale dienst lopen, met dan de lokale politie als aanspreekpunt. Op die manier staat de dienst nog steeds dicht bij de burger.

Wij onthouden in elk geval dat de minister van Binnenlandse Zaken bereid is een en ander te bekijken.

BijlageGrootte
beheer vergunningen gouverneurs public.pdf452.88 KB