Omzendbrief van 25 oktober 2011 over de toepassing van de wapenwetgeving - hoofdstuk 17 - Wapenbeurzen


17. Wapenbeurzen

17.1. Voorwaarden
17.2. Toelating

Artikel 19, 5° WW bepaalt dat vrij verkrijgbare wapens mogen worden verkocht op beurzen mits toelating van de minister van Justitie. Dit is een uitzondering op het principe dat de verkoop van wapens op beurzen en andere plaatsen buiten de vaste vestiging van een wapenhandelaar verboden is. Ze dient dan ook restrictief te worden geïnterpreteerd.

Bij het al dan niet verlenen van de toelating heeft de minister van Justitie de mogelijkheid om voorwaarden op te leggen aan de organisator. In het verleden is immers gebleken dat de wapenbeurzen vaak onvoldoende rekening hielden met de toepasselijke regelgeving. Dit hoofdstuk van de omzendbrief zet uiteen welke criteria en voorwaarden zullen gehanteerd worden bij het onderzoek van de aanvraag tot organisatie van de wapenbeurs. Eén of meerdere voorwaarden worden opgelegd in het kader van elke individuele vergunning, rekening houdend met de concrete situatie.

De toelating wordt namens de minister van Justitie afgegeven door de federale wapendienst, die nagaat of de organisator alle toepasselijke wetgeving naleeft. Dit is niet enkel de Wapenwet, maar ook de wet van 5/8/91 en die van 24/11/1888.

De aanvragen kunnen uitgaan van de organisatoren van wapen-, antiek- en brocantebeurzen, zowel voor particulieren als voor beroepsmensen, vrij toegankelijk of beperkt tot een bepaalde doelgroep.

De organisatoren kunnen zowel natuurlijke personen als rechtspersonen zijn (meestal vzw’s en feitelijke verenigingen).

Bij de beoordeling van opeenvolgende aanvragen voor de organisatie van een beurs, zal de administratie de organisator van de beurs verantwoordelijk houden voor de transacties die plaatsvonden op de vorige beurs, zo ook voor deze die in voorkomend geval plaatsvinden op de parking van die beurs.

De aan de beurs deelnemende wapenhandelaars moeten erkend zijn (435). Wapenhandelaars met een Belgische erkenning mogen op basis van de wet zelf uitzonderlijk vrij verkrijgbare wapens verkopen buiten hun vaste vestigingsplaats (436). Ze moeten wel een kopie van hun erkenning bij zich hebben op de beurs.

Buitenlandse wapenhandelaars moeten vooraf een tijdelijke erkenning aanvragen aan de gouverneur bevoegd voor de plaats waar de beurs (of de eerste van de beurzen waaraan hij wenst deel te nemen) plaatsvindt. Het betreft een gewone toepassing van de wettelijke definitie van wapenhandelaar. Hierbij moet de gewone erkenningsprocedure worden gevolgd voor zover dat mogelijk is. Het advies van de burgemeester en van de lokale politie zullen niet zinvol zijn. Het examen beroepsbekwaamheid is niet mogelijk. Er moet wel advies worden gevraagd aan de Staatsveiligheid en aan het gewest. Als de betrokkene in zijn land erkend is als wapenhandelaar, dan wordt met dit gunstig element rekening gehouden. De tijdelijke erkenning wordt beperkt tot de deelname aan beurzen, eventueel meermaals per jaar. Om te vermijden dat een ongeoorloofde discriminatie zou ontstaan tussen Belgische en buitenlandse handelaars, is de erkenning ook geldig voor de deelname aan beurzen georganiseerd in andere provincies. Er is geen vrijstelling van de retributie. Ook de buitenlandse handelaars moeten een kopie van hun erkenning bij zich hebben op de beurs.

De deelnemende particulieren, daarin begrepen de verzamelaars, moeten niet erkend zijn. Ze mogen echter slechts occasioneel wapens verkopen, zonder commercieel doel (d.w.z. wapens aankopen om ze terug te verkopen) of anders gezegd, binnen het normaal beheer van hun patrimonium. Zoniet maken ze zich schuldig aan wapenhandel zonder erkenning.

Zowel buitenlandse wapenhandelaars als de buitenlandse particuliere deelnemers moeten voor alle wapens voorafgaand aan de beurs een tijdelijke invoerlicentie en een definitieve uitgangslicentie verkrijgen van de dienst vergunningen van het gewest waarvan ze afhangen. De vorm en de modaliteiten van de verkrijging van deze vergunningen behoren tot de bevoegdheid van de gewestelijke diensten die die ze afgeven.

Alle te koop aangeboden vuurwapens moeten zijn voorgelegd aan de proefbank voor vuurwapens te Luik. Buitenlandse handelaars en particuliere deelnemers moeten hun wapens daar voldoende vooraf aanbieden(437).

Buitenlandse kopers moeten de nodige documenten voorleggen waaruit blijkt dat ze de gekochte wapens in hun land voorhanden mogen hebben en het er mogen invoeren.

De beurzen kunnen eenmalige of jaarlijks terugkerende evenementen zijn of meermaals per jaar worden georganiseerd.
Een wapenbeurs moet worden onderscheiden van een wapenveiling. Een beurs is een tijdelijke plaats waar verkopers en kopers worden bijeengebracht door een organisator die zelf niet hoeft te verkopen. Een veiling is een plaats waar wapens openbaar per opbod worden verkocht. Dit kan vrijwillig of gedwongen gebeuren:

  • een vrijwillige veiling wordt doorgaans georganiseerd door een veilinghuis, dat daarvoor moet erkend zijn als tussenpersoon en de plichten van een wapenhandelaar moet naleven;
  • een gedwongen verkoop mag alleen plaatsvinden onder leiding van een gerechtsdeurwaarder of een notaris die zich laten bijstaan door de directeur van de Proefbank of een door hem aangewezen medewerker(438).


17.1. Voorwaarden

De aanvragen om toelating tot organisatie van wapenbeurzen worden namens de minister van Justitie behandeld door de Federale Wapendienst.
In de praktijk is het van belang dat de aanvraag behandeld is tegen de geplande datum van de (eerste) beurs. Daarom mag er van de belanghebbenden worden verwacht dat ook zij rekening houden met de redelijke termijn die de administratie nodig heeft voor de behandeling van hun aanvraag. Ze moeten hun aanvraag dus tijdig indienen.

Omdat de wet geen enkele formaliteit oplegt die bij het indienen van de aanvraag zou moeten worden nageleefd, is er geen grond waarop een aanvraag onontvankelijk kan worden verklaard. Er is niet voorzien in de betaling van een retributie.
Hieruit volgt dat er steeds een onderzoek ten gronde moet plaatsvinden.

Er zijn echter wel gevallen waar de aanvraag zonder voorwerp is en dan ook niet verder moet worden onderzocht. Dit is het geval wanneer de aanvraag wordt gedaan op een zo korte termijn voor het plaatsvinden van de beurs, dat de administratie materieel niet in staat is de aanvraag correct te behandelen. Een ander voorbeeld is de aanvraag die kennelijk op basis van een misverstand over de betekenis van de wet niet wordt gedaan door de organisator van een beurs, maar door een deelnemer (vaak een erkende wapenhandelaar die wenst deel te nemen aan meerdere beurzen en die ten onrechte meent dat hij zelf een toelating nodig heeft).

Om met voldoende kennis van zaken te kunnen oordelen over de aanvragen neemt de Federale wapendienst alleen die aanvragen in behandeling, die vergezeld gaan van de volgende informatie:

  • een volledige aanvraag die plaats en tijdstip van de verschillende manifestaties vermeldt, evenals de soorten voorwerpen die er te koop worden aangeboden;
  • eventueel een flyer van de gebeurtenis (als die bestaat);
  • een (origineel) uittreksel uit het strafregister van elke persoon die verantwoordelijk is voor de organisatie van het gebeuren (of van elke bestuurder van de organiserende rechtspersoon), dat niet ouder mag zijn dan één maand
  • ;

  • een brandpreventieplan en een evacuatieplan waar de voorziene in- en uitgangen in geval van ernstige problemen op vermeld staan, alsook de locatie van de standen en de in- en uitgangen;
  • een liggingsplan met aanduiding van de te nemen route naar de plaats van het evenement;
  • een volledig reglement van orde voor elk van de data van de gebeurtenis, die in het eerste artikel plaats en tijdstip van de gebeurtenis vermeldt. Bovendien moet de reglementering uitdrukkelijk vermelden dat de toegang verboden is voor minderjarigen die niet vergezeld zijn van een volwassene;
  • de statuten van de organiserende rechtspersoon;
  • een contactpersoon bij de lokale politie.

Als er bij de aanvraag bepaalde stukken ontbreken, worden ze zo snel mogelijk opgevraagd. Bij een nieuwe editie van een tijdens het voorbije jaar al toegelaten beurs is het niet noodzakelijk alle stukken opnieuw te leveren; dan volstaat een verklaring dat de ontbrekende stukken niet zijn gewijzigd. De uittreksels uit het strafregister moeten echter wel telkens opnieuw worden bezorgd.


17.2. Toelating

De Federale Wapendienst vraagt het advies van de lokale politie :

  • die van de verblijfplaats van de organisatoren (of de verantwoordelijken van een rechtspersoon), voor wat hun persoonlijkheid betreft;
  • die van de plaats waar de beurs zal plaatsvinden, voor wat de beurs zelf betreft (en wat de ervaring is met de voorgaande edities ervan).

Als bepaalde informatie erop wijst dat het nuttig kan zijn ook advies te vragen aan andere overheden, zoals de Staatsveiligheid, de douane, het parket, het gewest, ..., dan wordt dit niet nagelaten.

Vaak zal het advies van de politie over de beurs zelf voorwaardelijk gunstig zijn of minstens enkele praktische aanbevelingen op het gebied van veiligheid en controle bevatten. Als dit redelijk voorkomt, wordt de organisator verzocht zijn reglement aan te passen of andere maatregelen te treffen.

Een gunstige beslissing wordt onmiddellijk vastgelegd in een toelating, die de vorm aanneemt van een brief met een stempel van de FOD Justitie, waarin de verkoop van vrij verkrijgbare wapens wordt toegestaan aan de organisator van de beurs, waarvan plaats en data worden aangegeven. De brief wordt aangetekend met ontvangstmelding verstuurd, met een kopie voor de politie van de zone waar de beurs zal plaatsvinden.

Bij gebrek aan precisering in de wet, zal de Federale wapendienst enkel beurzen toelaten, waarvan de organisator zich akkoord verklaart om de in de toelating opgenomen voorwaarden in acht te nemen. Deze voorwaarden zijn gericht op het vrijwaren van de openbare orde en beogen eveneens risico’s af te dekken die kunnen ontstaan door het toelaten van wapenhandel op plaatsen zonder vaste vestiging. Op dergelijke evenementen ontstaat bij de deelnemers vaak een gevoel dat er geen controle is op hun verrichtingen. In het verleden is al gebleken dat daardoor een kader voor mogelijk illegale transacties (bv. aankoop van in België vrij verkrijgbare wapens door buitenlanders voor wie de wapens in hun land wel vergunningsplichtig zijn) ontstaat. Daardoor worden redelijke voorwaarden opgelegd die het de controlerende overheden mogelijk moet maken om na te gaan of op de wapenbeurs de regelgeving correct werd nageleefd.

De toelatingen vermelden welke de plichten van de deelnemers zijn. Zo zal de administratie bij de afgifte van een toelating doorgaans als praktische voorwaarde opleggen datelke deelnemer, Belg of buitenlander, die vrij verkrijgbare vuurwapens te koop aanbiedt, moet beschikken over een vastbladig boek waarin de tentoongestelde en te koop aangeboden wapens worden opgelijst, evenals de verkopen van deze wapens. Voor elke beurs schrijft de deelnemer op de linkerbladzijde de wapens (merk, type, kaliber, serienummer) in, en op de rechterbladzijde de volledige identiteit van de verwerver van het wapen (naam, voornaam, adres, geboortedatum, land). Op het einde van de beurs wordt gevraagd dat elke deelnemer aan de organisator een kopie van deze bladzijden die betrekking hebben op de beurs, bezorgt. De deelnemer dient dit boek bij zich te hebben bij elke deelname aan een beurs. Dit boek is persoonlijk en moet op de eerste bladzijde melding maken van de identiteit en de handtekening van de deelnemer. Voor elke beurs begint hij een nieuwe bladzijde, die hij dateert en ondertekent. Op het einde van de beurs moeten de gebruikte bladzijden opnieuw gedateerd en ondertekend worden door de deelnemer. De documenten worden door de organisator binnen ten hoogste drie werkdagen bezorgd aan de bevoegde gewestelijke diensten. Deze lijsten laten onder meer toe te controleren of particuliere deelnemers zich niet bezondigen aan wapenhandel zonder erkenning en om de buitenlandse overheden in kennis te stellen van wapenaankopen door hun onderdanen. Het doorgeven van deze informatie aan de buitenlandse overheid wordt immers voorgeschreven door de Richtlijn 91/477/EEG.

Er worden geen toelatingen meer gegeven voor het tentoonstellen van vergunningsplichtige wapens op beurzen.

Verwijzingen

(435) Artikel 5, §1 WW.
(435) Artikel 19, 5° WW
(437) ibidem
(438) Artikel 29/1 KB 20/9/91