Kamer - Schriftelijke vraag nr. 0750 van 9 juli 2009 (Ben Weyts - NVA) - CWR - wapenbezit - vergunningen en verkoop - statistiek

Informatie
Parlement: 
Kamer
Datum: 
don, 09/07/2009
Vraagsteller: 
Ben Weyts (NVA)
Wetsartikels: 
art. 4 wapenwet
Trefwoorden: 
statistiek
wapenvergunning
CWR
Doelgroep: 
Wapenbezitters
Vraag: 

Gebruikers moeten volgens de wapenwet hun wapen laten registreren bij het Centrale Wapenregister, dat deels onder de bevoegdheid valt van de minister van Justitie, deels onder de bevoegdheid valt van de minister van Binnenlandse Zaken. Aanvankelijk was het de bedoeling het nieuwe "Wapenregister" operationeel te maken eind 2006 (hervorming van de wapenwet in 2006). In 2007 werd het nieuwe register aangekondigd tegen oktober van dat jaar. In februari 2008 werd dat april 2008, later werd dat eind 2008. In 2009 heet het dat de minister van Binnenlandse Zaken de hoogste prioriteit toekent aan het dossier. Sindsdien is de wapenwet al eens aangepast maar zijn gegevens over het wapenbezit in België alsnog een grote onbekende.

1. a) Welke initiatieven heeft u genomen om het Centrale Wapenregister op de juiste sporen te zetten?
b) Heeft dit beleid reeds vruchten afgeworpen?
c) Zo niet, tegen wanneer hoopt u dit dossier op orde te krijgen?

2. Hoeveel wapenvergunningen werden er per Gewest en per jaar gedurende de periode 2002-2009 aangevraagd?

3. Op hoeveel van de aanvragen werd er (opnieuw per jaar en per Gewest) positief gereageerd?

4. Hoeveel jacht-, sport- en verweerwapens werden er (opnieuw per jaar en per Gewest) verkocht?

5. Worden er, gezien de recente aanpassing van de regeling, nu meer door erfenis verkregen wapens aangegeven?

Antwoord: 

1. De materiële organisatie (personeel, informatica) van het Centraal Wapenregister, dat deel uitmaakt van de federale politie, behoort tot de bevoegdheid van mijn Collega van Binnenlandse Zaken.

2. Er werden onder het regime van de oude wapenwet geen cijfers bijgehouden over het aantal vergunningsaanvragen. Een vergelijking met de cijfers die nu wel worden bijgehouden, zou overigens een hachelijke zaak zijn omdat de regels betreffende de vergunningsplicht volledig veranderd zijn: in tegenstelling tot vroeger zijn nu alle vuurwapens in principe vergunningsplichtig, maar de belangrijkste categorieën van gebruikers (jagers en sportschutters) genieten nu wel van een gunstregime dat hen toelaat wapens te verwerven zonder vergunning. Op basis van de cumulatieve, voorlopige en nog fragmentaire cijfers waarover ik nu beschik, zijn er sinds de inwerkingtreding van de wet in 2006 in het Vlaams Gewest 16.039 nieuwe aanvragen ingediend, in het Brussels Gewest 2.014 en in het Waals Gewest 13.933. Daarnaast werden 84.701 aanvragen tot hernieuwing van oude vergunningen ingediend in het Vlaams Gewest, 13.002 in het Brussels Gewest en 87.118 in het Waals Gewest.

3. De behandeling van deze grote hoeveelheid binnengekomen aanvragen is volop aan de gang. De cijfers die ik hierover kan geven moeten dus met nog grotere omzichtigheid worden gelezen. Bovendien zijn er om technische redenen hetzij nog geen cijfers, hetzij geen actuele cijfers beschikbaar voor alle provincies.Voorlopig zijn er sinds de inwerkingtreding van de wet al 37.140 afgegeven vergunningen geteld in het Vlaams Gewest, 12.350 in het Brussels Gewest en 29.599 in het Waals Gewest.

4. De termen "jacht- , sport- en verweerwapens" zijn achterhaald door de nieuwe wet. Nu zijn alle vuurwapens in principe vergunningsplichtig, maar hoeven jagers en sportschutters niet telkens een vergunning te verkrijgen omdat hun jachtverlof of sportschutterslicentie onder bepaalde voorwaarden gelijkgesteld wordt met die vergunning. Er worden nog geen cijfers bijgehouden over het aantal wapens dat nu door jagers en sportschutters wordt aangekocht en op hun naam geregistreerd. Het aantal wapens aangekocht door andere groepen plus het aantal wapens dat jagers en sportschutters niet kunnen aankopen onder het gunstregime stemt overeen met de cijfers onder punt 3.

5. De nieuwe wapenwet liet niet meer toe dat vergunningen werden afgegeven aan personen die geen wettige reden konden geven voor het bezit van een geërfd wapen. Die kans werd opnieuw geboden na een wetswijziging in 2008. Ze kent duidelijk succes, maar het aantal reeds afgegeven vergunningen is uiteraard nog beperkt, gelet op de behandelingstermijn: 2.980 in het Vlaams Gewest, 947 in het Brussels Gewest en 559 in het Waals Gewest.

Commentaar: 

1. Vooreerst antwoordt de minister van Justitie niet opde vraag over de werking van het Centraal Wapenregister (CWR). Dit is logisch, vermits dit register wordt bijgehouden door de federale politie, die onder het ministerie van Binnenlandse Zaken ressorteert. Op basis van de inlichtingen waar wij over beschikken, blijkt dat men nog altijd geen vooruitgang geboekt heeft met het CWR. Nochtans kondigde de toenmalige minister van justitie Laurette Onkelinx (PS) toen aan dat de nieuwe wet voornamelijk de registratie van wapens tot doel had. Meer dan drie jaren na inwerkingtreding van de wet werd daar dus nog geen werk van gemaakt. Tijdens deze zelfde drie jaren vroeg de overheid nochtans een zeer belangrijke inspanning aan alle wapenbezitters om hun vergunningen te laten hernieuwen.

2. Wie de cijfers bekijkt van het aantal aangevraagde hernieuwingen van vergunningen, komt tot de conclusie dat er voor slechts 184.821 hernieuwingen van vergunningen zijn aangevraagd. Uit antwoorden op eerdere parlementaire vragen, blijkt dat ongeveer 600.000 wapens vergund waren onder de oude wapenwet van 1933. Voor hoogstens 30% van de legale wapens bekend in 2006, werd onder de nieuwe wet een hernieuwing van de vergunning aangevraagd. Een deel van de vergunningen werd niet hernieuwd, omdat de betrokkenen afstand deden van hun wapen of omdat de wapens vernietigd werden. Toch blijkt dus dat de nieuwe wapenwet geleid heeft tot meer illegaal wapenbezit. Wapens die vroeger legaal vergund waren, zijn dat nu niet meer, en werden illegaal.

3. De combinatie van beide vaststellingen biedt stof tot nadenken. Het niet of slecht functioneren van het CWR, gecombineerd met het lage aantal vergunningen dat hernieuwd wordt, zorgt ervoor dat de pakkans van wie illegaal wapens houdt zeer beperkt is. Uit eerdere rapporten van het comité P is dan overigens ook nog gebleken dat het CWR niet voldoende betrouwbaar is, en dat in de meeste gevallen de informatie bekomen uit het CWR niet klopt.

4. De overheid is in het dossier rond wapens niet even consequent geweest. In een populistisch discours werd de nieuwe wapenwet voorgesteld als noodzakelijk om de openbare veiligheid te verhogen. Er werd ook aangekondigd dat het illegaal wapenbezit strenger zal worden aangepakt. Beide argumenten blijken nu drogredenen. Immers, zelfs meer dan 3 jaar na inwerkingtreding van de wet slaagt de overheid er nog steeds niet in een betrouwbaar centraal wapenregister uit te bouwen. Ook heeft de nieuwe wapenwet op geen enkele manier enige impact gehad op misdadig gedrag. We verwijzen graag naar de website www.gunfacts.be die een statistiek bijhoudt op basis van de berichtgeving in de pers. Dit was voorspelbaar: criminelen verkiezen om illegale wapens te gebruiken voor hun activiteiten. Ze worden niet gehinderd door strengere wetten op legaal wapenbezit. Ten overvloede is dit ook al gebleken in het buitenland (cfr. het Verenigd Koninkrijk waar gewapende misdaad meer dan verdubbelde nadat in 2006 het bezit van handvuurwapens werd verboden).

5. In het licht van deze vaststellingen blijft het ons dan ook verbazen dat allerhande "NGO's" en vredesbewegingen het strenger maken van een wapenwet als middel blijven beschouwen om de samenleving veiliger te maken. Ze worden door alle cijfers tegengesproken, behalve dan door de studies die ze zelf lieten betalen in sommige Amerikaanse staten. Toch blijft de bevolking open staan voor hun vaak emotionele argumentatie. Het is belangrijk dat elke wapenbezitter meewerkt om de bevolking correct, op basis van de cijfers, ervan te overtuigen dat het verstrengen van een wapenwet op geen enkele manier misdrijven, ongevallen of aanslagen zal vermijden.