Kamer - Schriftelijke Vraag nr. 314 van de heer André Frédéric van 6 augustus 2008 - wapens - wijziging wet - teruggave

Informatie
Parlement: 
Kamer
Datum: 
woe, 06/08/2008
Vraagsteller: 
André Frédéric (PS)
Vindplaats/bron: 

www.dekamer.be -schriftelijke vraag nr. 314

Wetsartikels: 
art. 44 en art. 48 wapenwet
Trefwoorden: 
wapenvergunning
passief wapenbezit
overgangsregeling
Doelgroep: 
Wapenbezitters
Vraag: 

Onlangs keurde de wetgever een wetsontwerp goed tot verbetering van de wet van 8 juni 2006 houdende regeling van economische en individuele activiteiten met wapens.

Eén van de verbeteringen die met die tekst worden ingevoerd, is de erkenning van passieve wapenbezitters. Voortaan zullen drie categoriee¨n van personen de gouverneur kunnen vragen om hun wapens zonder munitie te mogen behouden.

Daarmee wordt inzonderheid gedoeld op personen die op wettelijke wijze een wapen hebben verkregen vooor de inwerkingtreding van voornoemde wet van
2006. Het Grondwettelijk Hof had dit standpunt in rechte reeds eerder ingenomen.

De betrokkenen zullen nu binnen twee maanden na de inwerkingtreding van de wet een vergunningsaanvraag moeten indienen bij de gouverneur van hun
provincie.

Rest de vraag hoe de teruggave van wapens geregeld moet worden. Sommige betrokkenen hadden hun wapens immers reeds ingeleverd bij het politiekantoor.

In uw antwoord op een parlementaire vraag van 11 maart 2008 (CRIV 52 COM 139, blz. 10 en volgende) verklaarde u dat de mensen die afstand hebben
gedaan van hun wapens, deze kunnen terugkrijgen indien ze beschikken over de toestemming van de gouverneur.

Ik wil u ook wijzen op de impact van het gewijzigde artikel 44 van de wet van 2006, waarin thans gesteld wordt dat in afwachting van de beslissing om de vergunning al dan niet af te leveren, de aanvraag voor een vergunning als voorlopige vergunning geldt.

1. a) Zal er aan de gouverneurs een omzendbrief worden verstuurd met richtlijnen voor de teruggave van de wapens die reeds in de politiekantoren
werden ingeleverd?

b) Zo ja, hoe luidt de inhoud van die omzendbrief ?

2. a) Welke procedure zullen de betrokken personen moeten doorlopen om de door de gouverneurs verleende toestemming te krijgen voor de teruggave
van hun wapens?

b) Zal die procedure goed afgestemd zijn op de indieningstermijnen voor de vergunningsaanvragen en op de nieuwe bepalingen van artikel 44 van de
wapenwet?

Antwoord: 

Ik zou vooreerst een verduidelijking willen aanbrengen betreffende het passief bezit bedoeld in artikel 11/1 van de wapenwet. Om zich te beroepen op dit artikel volstaat het niet dat de verzoekers die een aanvraag van wapenbezit zonder munitie indienen, binnen de twee maanden vanaf de inwerkingtreding van de wet handelen. De verzoeker dient tevens te bewijzen (met alle middelen van recht) dat het wapen wettelijk deel uitmaakte van zijn patrimonium voor 9 juni 2006.

Wat betreft de vraag over de teruggave van bepaalde wapens heb ik inderdaad in antwoord op de vermelde parlementaire vraag verklaard dat « enkel de in bewaring gegeven wapens mogen worden teruggegeven met toestemming van de gouverneur.»

Ik bedoelde daarmee de wapens in bewaring gegeven bij erkende wapenhandelaars of bij de politie.
Wat betreft de te volgen procedure voor het terugkrijgen van hun in bewaring gegeven wapens zullen de betreffende personen hun wapens kunnen terugnemen op voorwaarde dat ze bewijzen dat ze een andere keuze hebben gemaakt dan «het in bewaring geven» om zich in orde te stellen. Bijgevolg volstaat de indiening van een bezitsaanvraag — in dit geval passief bezit — voor het terugkrijgen van het bezit van het in bewaring gegeven wapen.

De toepassing van artikel 44 van de wapenwet, dat de overgangsperiode regelt, stelt geen problemen :
- de aanvraag om een passieve bezitsvergunning geldt als voorlopige vergunning;
- de aanvraag van bezit zonder munitie moet worden ingediend binnen de 2 maanden vanaf de inwerkingtreding van artikel 11/1, te weten ten
laatste op 1 november 2008.

Sinds de beslissing van het Grondwettelijk Hof van 19 december 2007 ontvangen de gouverneurs aanvragen voor passief wapenbezit. De manier waarop deze dossiers moeten worden behandeld, wordt bepaald tijdens maandelijkse vergaderingen tussen de diensten van de gouverneurs en de federale wapendienst, die eenvormigheid bij de toepassing van de wet verzekert.