Senaat - Mondelinge vraag van mevrouw Martine Taelman aan de minister van Justitie over «de nieuwe wapenwet en de vernietiging van de ingeleverde wapens»

Informatie
Parlement: 
Senaat
Datum: 
don, 08/01/2009
Vraagsteller: 
Martine Taelman (O-VLD)
Vindplaats/bron: 

Belgische Senaat, Handelingen, zitting 2008-2009, nr. 4-57

Vraag: 

Mevrouw Martine Taelman (Open Vld). - In juni 2006 werd de nieuwe wapenwet van kracht en ze werd intussen ook al aangepast.

Mensen die geen sportschuttersvergunning, jachtverlof of beroepsschuttersvergunning hadden - en die ook niet op korte termijn wilden behalen - moesten hun wapens bij de lokale politie inleveren. Wie dat niet deed, riskeert zware straffen en boetes wegens illegaal wapenbezit. Een circulaire uit juni 2006 regelde de te volgen procedure door de politiediensten. De wapens konden naamloos worden ingeleverd, maar moesten worden geregistreerd. Nadien werden de ingeleverde wapens per provincie verzameld om in Gent en Luik vernietigd te worden.

Er zou nu blijken dat er verschillende wapens door de mazen van het net zijn geglipt en niet ter vernietiging zijn aangeboden.

Vandaar mijn vragen aan de minister.

Klopt het dat er - zoals de media melden - verschillende gerechtelijke onderzoeken zijn opgestart wegens onregelmatigheden bij lokale politiediensten? Zo ja, in welke gerechtelijke arrondissementen? Of is het een probleem dat overal te lande kan worden vastgesteld?

Zijn er statistieken bijgehouden van het aantal ingeleverde versus het aantal vernietigde wapens? Zo ja, zijn er discrepanties en hoe groot zijn die? Zo neen, waarom werd dat aspect niet gecontroleerd?

Werden er in de zones of per provincie steekproeven gedaan of controles uitgevoerd op de correcte uitvoering van de procedure van vernietiging en registratie?

Nu de amnestieperiode voorbij is en men wapens niet meer naamloos kan inleveren, worden er uiteraard nog altijd wapens in beslag genomen die moeten worden vernietigd. Is de procedure waterdicht? Zo niet, wordt ze herbekeken?

Een van de problemen destijds was de onbetrouwbaarheid van het centraal wapenregister. Zijn er inmiddels initiatieven genomen om het te updaten?

Antwoord: 

De heer Stefaan De Clerck, minister van Justitie. - Het is mij een genoegen opnieuw in de Senaat te komen. Ik groet de voorzitter en de senatoren en wens hen een gelukkig nieuwjaar.

(Applaus)

De nieuwe wapenwet bepaalt inderdaad dat wapens die werden afgestaan omdat hun eigenaar geen vergunning kon of wenste te verkrijgen, door de lokale politiediensten moesten worden ingezameld om ze te laten vernietigen bij ArcelorMittal, dat hiervoor zijn vriendelijke medewerking verleende. Op deze regel bestond maar één uitzondering: zeldzame en didactisch interessante exemplaren mochten aan openbare musea en aan politiescholen worden geschonken.

Er deden in het verleden al geruchten de ronde dat sommige politieambtenaren van hun positie misbruik hebben gemaakt om ingeleverde wapens voor zichzelf of voor verkoop aan derden - zowel getipte particulieren als wapenhandelaars - achter te houden. Dat is uiteraard een misdrijf en tevens een onaanvaardbare en zware beroepsfout, zeker in hoofde van politieambtenaren die moeten toezien op de naleving van de wet. Hiermee wordt de reputatie en de geloofwaardigheid van de politie als geheel besmeurd, maar ook de wet zelf komt daarmee in het gedrang. Wanneer nog meer aanwijzingen van achterhouding worden gevonden, moet uiteraard ook mijn collega van Binnenlandse Zaken de politieambtenaren ter verantwoording roepen.

Ik benadruk dat de onderzoeken die nu zijn opgestart, slechts een kleine minderheid van de politiezones in dit land betreffen. Het overgrote deel van de politieambtenaren vervult zijn taak op een verantwoordelijke manier en te goeder trouw. Het probleem situeert zich bij een klein aantal zones, verspreid over het hele land, waar politieambtenaren die zich met wapens bezighouden, onvoldoende verantwoordelijk handelen en hun privébelangen laten voorgaan. In veel gevallen gaat het om wapenkenners, die echter door een te grote liefde voor wapens in de verleiding komen over de schreef te gaan. Er zijn inderdaad cijfers bijgehouden over de aantallen ingeleverde en vernietigde wapens, maar die zijn hier van weinig nut. Het laten verdwijnen van sommige wapens gebeurde immers door ze van bij de ontvangst niet in te schrijven en geen ontvangstbewijs af te geven, soms met akkoord van de eigenaar. Zo zijn er geen sporen. Ik ben er niet van op de hoogte of er ook steekproeven werden gedaan.

De inzameling van de te vernietigen wapens, die nog op kleine schaal doorgaat, was in principe een goede procedure. Een rechtsstaat moet vertrouwen op zijn politiediensten. Jammer genoeg bevatten die grote organisaties soms ook minder betrouwbare leden, tegen wie nu wordt opgetreden. Ik heb evenwel het volste vertrouwen in de gerechtelijke diensten, die op het ogenblik de nodige onderzoeken voeren naar de laakbare praktijken van enkele personen.

Ik beschik niet over de cijfers en plaatsen van deze praktijken, waar mevrouw Taelman naar vroeg. Op het ogenblik spreekt men alleen over bepaalde personen in bepaalde arrondissementen, beperkt in aantal maar wel gespreid over het hele land.

Wat ten slotte het centraal wapenregister betreft, moet ik meedelen dat dit nog niet op punt staat of behoorlijk functioneert. Dit werd ook aangetoond door het Comité P. Er wordt al jaren gewerkt aan een nieuwe databank met performante informatica. Daarnaast moet van de herregistratie van alle wapens die nu gebeurt, gebruik gemaakt worden om de bestaande fouten uit de gegevens te halen. Het centraal wapenregister is evenwel een onderdeel van de federale politie en valt dan ook onder de bevoegdheid van de minister van Binnenlandse Zaken.

Mevrouw Martine Taelman (Open Vld). - Kan de minister zeggen wanneer het centraal wapenregister up-to-date zal zijn?

De heer Stefaan De Clerck, minister van Justitie. - Ik kan nog geen timing voorleggen. Bij mijn aantreden als minister van Justitie en mijn kennismaking met de politiediensten en het departement Binnenlandse Zaken ben ik begonnen met de opstelling van de lijst van de prioritaire dossiers inzake informatisering. Het strafregister en wapenregister behoren tot de prioritaire dossiers. Ik kan echter nog geen datum voor een updating in het vooruitzicht stellen.