Opslag wapens

De verzamelaars moeten bijzondere regels naleven voor de opslag van hun vuurwapens . Ze moeten de veiligheidsmaatregelen opgesomd onder klasse “G” naleven .

Dit houdt onder meer in:

  • Dat er minstens één brandblusser of mobiele snelblusser geplaatst wordt op een zichtbare of aangeduide en in alle omstandigheden vrij bereikbare plaats in elk lokaal waar zich munitie bevindt;
  • De ruimtes waarin zich vuurwapens bevinden moeten aan volgende voorwaarden voldoen:
    • De toegang tot het lokaal moet bestaan uit een deur in vol hout die minstens 4 cm dik is, of in een ander materiaal van vergelijkbare sterkte, of van deuren met gelaagd glas dat aan bepaalde normen voldoet. Dit geldt niet indien de toegang zich achter een vergrendelbaar rolluik bevindt. Het slot is hetzij een driepuntsslot dat vijf minuten weerstand biedt, hetzij een combinatie van drie sloten die samen vijf minuten weerstand bieden bij een inbraakproef onder genormaliseerde voorwaarden, en beantwoordend aan de Nederlandse norm NEN 5088/5089. De plaatser moet attesteren dat het materiaal aan deze voorwaarden voldoet en volgens de regels van de kunst werd geplaatst.
    • In de toegangsdeuren tot de ruimte waar de wapens staan en de buitendeuren van het gebouw moeten minstens 2 dievenklauwen worden aangebracht (per deur).
    • De ramen op het gelijkvloers moeten voorzien zijn van vergrendelbare rolluiken of bestaan uit inbraakbestendig glas dat aan bepaalde normen voldoet
  • De lokalen moeten tevens uitgerust zijn met een elektronisch alarmsysteem dat geactiveerd is tijdens de uren van afwezigheid en tijdens de nacht. Deze verplichting werd nieuw ingevoerd door het KB van 29 december 2006.