Hof van Beroep Bergen 25 juni 2014 - nalaten aangeven wapens - schending gelijkheidsbeginsel - vrijspraak

Informatie
Rechtscollege: 
Hof van Beroep Bergen
Datum: 
woensdag, juni 25, 2014

Een wapenbezitter liet na om wapens, die vergund waren onder de wapenwet van 1933, opnieuw te laten vergunnen onder de nieuwe wapenwet. Op basis van artikel 44, §2 en 48 van de wapenwet bestond er een verplichting om voor de reeds vergunde wapens nieuwe wapens te vragen.

De wapenbezitter werd hiervoor vervolgd door het parket. In eerste aanleg werd hij vrijgesproken. De rechter was van oordeel dat er een schending is in het gelijkheidsbeginsel bij de uitvoering van de wet. In sommige delen van het land werden wapenbezitters geïnformeerd over de nieuwe wet. In andere delen van het land werd minder info gegeven. Dit was enkel afhankelijk van de initiatieven van de gouverneurs. De federale overheid nam ook onvoldoende initiatieven om een uniforme toepassing van de wet te garanderen (zie deze link voor een kopie van het arrest).

Op basis daarvan beslist de rechter om de wapenbezitter vrij te spreken. Deze uitspraak wordt nu door het Hof van Beroep gevestigd.

Uit dit arrest kan worden afgeleid dat het niet tijdig aangeven van vroeger vergunde wapens niet tot gevolg heeft dat er ook automatisch een veroordeel voor overtredingen van de wapenwet volgt. De administratieve overheid kan zich dus niet zomaar op dit feit beroepen om de vergunningen te weigeren. Dit standpunt werd eerder al ingenomen in eerdere rechtspraak van de Raad van State (zie deze link ).

Deze rechtspraak kan nuttig worden gebruikt in alle zaken waar vervolgd wordt omdat nagelaten werd tijdig de hernieuwing van de wapenvergunningen te vragen.

BijlageGrootte
yd arret.pdf598.56 KB