Raad van State - arrest nr. 201.488 van 4 maart 2010 - art. 30 wapenwet -administratief beroep Federale Wapendienst - ontbreken kopie bestreden beslissing - ontvankelijkheid

Informatie
Rechtscollege: 
Raad van State
Datum: 
donderdag, maart 4, 2010

Feiten

Een wapenbezitter wordt getroffen door een beslissing van de gouverneur van de provincie Antwerpen van 12 juli 2007 waarbij zijn aanvragen voor wapenvergunningen worden geweigerd. Hoewel betrokkene eerherstel kreeg voor eerdere veroordeling, blijft de gouverneur de vergunningen weigeren omwille van latere incidenten met de politie waaruit zou blijken dat betrokkene gewelddadig is.

Betrokkene stelt tegen deze beslissing een beroep in bij de Federale Wapendienst op 26 juli 2007, dus binnen de 15 dagen na betekening van de beslissing van de gouverneur. Echter, er wordt geen kopie van de bestreden beslissing bij het verzoekschrift in hoger beroep.

De Federale Wapendienst wijst het beroep af als onontvankelijk wegens het ontbreken van de bestreden beslissing. Immers, artikel 30 wapenwet luidt als volgt: "Op straffe van onontvankelijkheid wordt het gemotiveerd verzoekschrift aangetekend verzonden aan de federale wapendienst uiterlijk vijftien dagen na vaststelling dat er geen beslissing werd genomen binnen de in artikel 31 bedoelde termijnen of na kennisname van de beslissing van de gouverneur, vergezeld van een kopie van de bestreden beslissing. De uitspraak wordt gedaan binnen zes maanden na de ontvangst van het verzoekschrift."

Uit deze bepaling leidt de federale wapendienst af dat het beroep ontontvankelijk is indien de kopie van de bestreden beslissing niet werd toegevoegd.

Betrokkene is het niet eens met dit standpunt van de Federale Wapendienst en vraagt bij de Raad van State de vernietiging van de beslissing van de minister van Justitie.

Rechtsvraag

Is het administratief beroep in de zin van artikel 30 wapenwet onontvankelijk indien het verzoekschrift niet vergezeld is van een kopie van de bestreden beslissing ?

Standpunt Raad van State

De Raad van State volgt het standpunt van de wapenbezitter.

De Raad van State stelt vooreerst vast dat artikel 30 wapenwet is onduidelijk geformuleerd is. Het is niet duidelijk of de zin "Op straffe van onontvankelijkheid" ook slaat op de bijzin "vergezeld van een kopie van de bestreden beslissing". Deze vereist kan immers niet altijd worden toegepast. Immers, indien het administratief beroep wordt ingediend omdat de gouverneur nalaat binnen de 4 maanden te beslissen over de aanvraag tot wapenvergunning, is het al uberhaupt onmogelijk om een kopie van de bestreden beslissing toe te voegen. In dit geval is er immers geen "bestreden beslissing".

Er dient dus te worden gekeken naar de bedoeling van de wetgever. Het toevoegen van de bestreden beslissing is opgelegd om de Federale Wapendienst toe te laten te weten welke beslissing juist bestreden wordt. Indien het verzoekschrift zo gesteld is dat de Federale Wapendienst zeer duidelijk weet welke de aangevochten beslissing is, is het normdoel bereikt. In dat geval is het beroep wel degelijk ontvankelijk.

In casu vermeldde het verzoekschrift het refertenummer en de datum van de aangevochten beslissing alsook een zeer expliciete beschrijving van de inhoud en draagwijdte van de bestreden beslissing. Deze elementen lieten de Federale Wapendienst wel degelijk toe om kennis te nemen van het beroep.

BijlageGrootte
201488.pdf19.31 KB