RvSt arrest 220.151 van 3 juli 2013 - veroordeling - uitwissing - ontvankelijkheid wapenvergunning

Informatie
Rechtscollege: 
Raad van State
Datum: 
woensdag, juli 3, 2013
Samenvatting

In dit arrest doet de Raad van State voor het eerst uitspraak over de gevolgen van een uitwissing van veroordelingen (art. 619 Sv.).

De Raad van State oordeelt dat met veroordelingen die automatisch werden uitgewist geen rekening meer mag worden gehouden om te beoordelen of een aanvraag voor een wapenvergunning ontvankelijk is.

Iemand wiens veroordeling werd uitgewist, is dus niet langer "veroordeeld" wegens een misdrijf opgesomd in artikel 5, §4 wapenwet.

Er kan echter wel nog rekening gehouden worden met de uitgewiste veroordeling bij het beoordelen van het gevaar voor de openbare orde. In casu had de gouverneur er zich toe beperkt op te merken dat de aanvrager "er niet zou voor terugdeinzen bedreigingen te uiten om zijn doelstellingen te bereiken". Dit wordt echter niet gestaafd door enig stuk en kan dan ook niet gebruikt worden om het gevaar voor de openbare orde aan te tonen.

Dit arrest is van bijzonder belang voor de praktijk, en ook voor de schuttersfederaties.

Nu weigeren de schuttersfederaties om de licentie af te geven indien er een veroordeling tussengekomen is. Ten onrechte worden dergelijke veroordelingen nog vermeld op het strafregister. Vaak moesten schutters dus eerst eerherstel vragen.

Uit dit arrest kan worden afgeleid dat dit niet langer nodig is indien de veroordeling ondertussen werd uitgewist overeenkomstig artikel 619 Sv.

BijlageGrootte
220151 uitwissing veroordeling.pdf130.06 KB